Goede initiatieven

Bij de productie van CEM I komt veel CO2 vrij. Dit komt hoofdzakelijk door de fossiele CO2 die vrijkomt uit de mergel bij calcinatie in de oven. Ook het verwarmen van de oven kost veel energie.

De cementindustrie draagt haar steentje bij aan de verduurzaming door het energieverbruik en de CO2-uitstoot te verlagen. Dit doen zij bijvoorbeeld door:

  1. Minder fossiele energie te gebruiken voor de oven
  2. CO2 op te vangen
  3. Cementen te produceren die minder klinker bevatten, zoals een CEM II

Initiatief 1 en 2 dragen direct bij aan een lagere uitstoot. De cement die geleverd wordt aan de klant, behoudt dezelfde kwaliteit terwijl de uitstoot lager is. Hierdoor kunnen klanten betonproducten maken met een lagere CO2-footprint.

Initiatief 3 draagt direct bij aan een lagere CO2-uitstoot van het cement, maar draagt slechts in enkele gevalen bij aan een lagere CO2-footprint van de betonproducten die er uiteindelijk mee worden gemaakt.

Indien deze cement een CEM I vervangt bij een klant die enkel met CEM I beton maakt, dan resulteert dit in een lagere CO2-footprint van het betonproduct.

Indien deze cement een CEM I vervangt bij een klant die zelf vulstoffen onder attest toepast, dan is het voordeel zeer gering. De klant zal immers geen vulstoffen onder attest meer kunnen toepassen waarmee ook de footprint van het beton stijgt. Tevens wordt het betonproduct duurder omdat de klant slechts een beperkte mogelijkheid heeft om dure cement te vervangen met vulstof.

De besparing van het gebruik van de vulstof, de CO2-reductie en de milieuwinst belanden bij de cementfabriek. Het eindproduct wordt duurder en krijgt een hogere CO2-footprint. De natuur plukt hier dus niet de vruchten van.

Omdat de mogelijkheid tot inmengen van vulstoffen wordt verminderd bij het gebruik van een CEM II in plaats van een CEM I, komt er minder afzet van leveranciers die vulstoffen malen en verkopen. Deze onbenutte capaciteit moet vervolgens worden opgevangen door de cementfabrieken – er moet immers meer cement worden geproduceerd.

Aangezien de maal- en productiecapaciteit van de cementindustrie al onder druk staat, zou het gebruik van een CEM II dus ook de beschikbaarheid van cement onder druk kunnen zetten.

Samengevat:

Wij juichen de toepassing van CEM II toe als vervanger van CEM I zonder attestvulstoffen.

Bij gebruik in een toepassing waar de betonproducent zelf vulstoffen inmengt, zal het gebruik van CEM II leiden tot hogere kosten en een hogere CO2-footprint.

Wij raden deze klanten daarom aan om te blijven produceren met CEM I.

 

 

Beton met uitzicht over ber

Heb je vragen?

Neem gerust contact met ons op